Nadat Mohammed en zijn ongeveer 150 volgelingen uit Mekka werden verdreven, verkasten ze naar het oasedorp Yathrib (later Al-Medina genoemd, de stad), ongeveer 350 kilometer verderop.
De ‘immigranten’ hadden geen land en velen konden geen werk vinden in het stadje. Om hun narigheid te verlichten, moedigde Mohammed hen aan langskomende handelskaravanen te overvallen en de gevangen genomen personen als slaaf te verkopen. Bij de slag bij Badr in 624, de inspiratie voor deze soera, werd een karavaan van duizend kamelen beladen met geld en waardevolle handelswaar, begeleid door slechts veertig gewapende krachten, geplunderd. Er waren er meer. Het duurde niet lang of de volgelingen van Mohammed vielen ook joodse clans in Medina en naburige stadjes aan.
Heel herkenbaar.

drie horizontale banen in de kleuren rood, wit en blauw waarop nooit plaats zal zijn voor sikkel en hamer, swastika of halve maan.
Daar zit niet een wereld maar een paar eeuwen verschil tussen.

